syMinor

December 2010



Oversteek: Bestemming bereikt en bezinnen hoe nu verder??

Nadat we door de fotograaf zijn vastgelegd op de gevoelige zwarte plaat passeren we de finishlijn in Rodney Bay (St. Lucia) en leggen we ’s nachts (na 26 dagen, op 17 dec.) net voor twee-en aan in de Marina. We mogen vastleggen aan de (ongezellige) kolossale I-steiger, bedoeld voor megajachten. We worden hartelijk ontvangen met een koude rumpunch, een gekoeld sixpack Heineken bier en een mandje met lokaal fruit en een fles rum. De koude drank smaakt ons heerlijk. In de ochtend staat de reeds gearriveerde delegatie van de Nederlandse vloot al voor dag en dauw met ballonnen klaar op de steiger om ons eveneens een warm welkom te heten. “Yes we did it”!!

We hebben weer vaste voet onder de grond. We moeten letterlijk en figuurlijk landen na de oversteek en dat duurt ook nog wel enige tijd. De evaluatie stellen we uit tot een later tijdstip. Voor nu vinden we dat het goed is gegaan, weinig materiaalschade, het wel erg lang was en ik mistte op het laatst het contact met het thuisfront.
Internet wordt dus snel ingeschakeld en de (130) mails worden gedownload. Ook kunnen we (weliswaar zonder video en niet geheel vlekkeloos) skypen met het thuisfront: Heerlijk!
We verplaatsen ons naar de J-steiger en sluiten aan in de rij van de NL vloot. De dagen erna staan in het teken van de afsluiting van de ARC. Er is een BBQ van de SSB “Alpha group”, een formele Prize Giving Party en nog een Late Arrival Party inclusief steelband.
Ook de Nederlandse vloot wordt op de Pelagie ontvangen met een hapje en een drankje waarbij we toegezongen worden door de bemanning van de Seaquest welke terugblikt op de ervaringen van de oversteek.
Het is erg warm (30 graden) in St. Lucia en nog vochtiger door de veelvuldige tropische stortbuien welke vallen. Kennelijk voor de locals hier ook ongekend. Begin november is het zuiden getroffen door een orkaan, Thomas genaamd, wellicht nog een staartje hiervan? Het maakt het “schoon schip maken” niet gemakkelijker op. We passen ons tempo al ras aan, aan dat van de lokale bevolking. Een klus(je) per dag vinden we al goed genoeg.
De Marina zelf is “een dorp” op zich. Een prikkel om wat verder buiten de deur te kijken ontbreekt met het gepamper van dagelijks vers brood, een shopping mall op dinghy afstand, de was uitbesteden (inclusief alle fleecegoed en zeilpakken), een poetsboy welke de boot (tegen betaling uiteraard) in de was zet en de vele eet- en dranktentjes.

Wel maken we uitstapjes met het lokale busje naar Castries en Pigeon Island. Dit vervoermiddel is eenvoudig en goedkoop; je steekt je hand op, stapt in tussen de locals met hun Calypso- en/of Reggaemuziek en betaalt de chauffeur bij uitstappen een paar EC (East Caribean Dollar).
De hoofdstad Castries is een bijzondere ervaring; het is een smeltkroes van beweging, geur en kleur. De bevolking is 85% Afrikaans, 10% East Indian 5% Europees. Het flegmatieke looppatroon is doorspekt met een zweem van swingen. De haren in rasta of dreadlocks en de welgevormde boezem of bottum is kleurig verfraait. We bezoeken de “market area” met zijn exotische kruiden, groente en fruit en uitgestalde potten en pannen

The Cathedral of the Immaculate Conception is van binnen bijzonder geschilderd in Afrikaanse stijl met een bijpassende Black Madonna. Jonge meiden zijn hier druk bezig met het instuderen van dansjes voor de kerstmis. We overwegen nog even om hier ’s avonds laat terug te komen voor de nachtmis, maar dit vraagt toch wel wat geregel met vervoer in het donker. We lopen door naar Point Seraphine, waar de cruiseschepen aanleggen bij een goed gevulde “bling- bling” taxefree shopping mall. We genieten van een heerlijke Creoolse lunch en Piton bier met uitzicht op de Harbour.

Pigeon Island, een schiereiland ten noorden van Rodney Bay, is een beschermd natuur- en wandelgebied met mooie vergezichten over de Caribische zee. De begroeiing bestaat uit “onze bekende kamerplanten” maar dan “een maatje” groter. Om er te komen lopen we eerst door Gros Islet een lokaal dorp met een beduidend lagere levensstandaard. Ik kan me het advies om hier bij donker niet te zijn wel enigszins voorstellen; wij zijn in hun ogen natuurlijk rijk.

Tussen alle besognes door is er ook de opmaat naar Kerstmis. We horen Bing Crosby, op zijn Antilliaans en ontvangen en verzenden digitale kerstkaarten, versieren de boot, werken de website bij en mogen op 1e kerstdag als allereerste klus de toilet ontstoppen! Gefeliciteerd, geweldig toch?
Christmas Eve hebben we heel gezellig doorgebracht bij St. Lucia Yachtclub met een bont internationaal zeilers gezelschap welke allemaal eigengemaakte hapjes meegebracht hebben.

Nieuwjaarskaart 2011

Op 1e kerstdag gaan we, allemaal opgedoft en wel, met de dinghy in een tropische regenbui, gezellig en lekker uit eten met de bemanning van 5 NL boten (14 volwassenen en 3 kinderen). Het wordt een traditioneel engels kerstmenu waarbij de wijn goed smaakt. Daarna zal het gezelschap geleidelijk uiteen waaieren naar verschillende bestemmingen. We zullen elkaar wel weer treffen “ergens op de wereld”. Het vertrekkerswereldje is uiteindelijk maar klein.

Wij vertrekken na Kerst naar de westkant van het eiland en onze eerste bestemming is Marigot Bay. Een mooie natuurlijke baai met idyllisch zandstrand, palmbomen en mangrovebossen. We staan hier veel dichter bij de natuur als in de Marina.
Liggen aan een mooring, zwemmen bij het opstaan in helder turkoois water van 27 graden en genieten ’s avonds in het donker van een (gas)BBQ (aan de railing). Het geluid uit het bos en van de krekels is oorverdovend.



Soufriere met uitzicht op de beroemde Pitons is onze volgende stop. We maken kennis met een nieuwe manier van ankeren: Naast elkaar op 30 meter diep je anker uitgooien met 50 m ketting, je achteruit laten zakken en een achterlijn (van 3x de lengte van je landvasten) vanuit de spiegel aan een palmboom vast(laten)knopen. Uiteindelijk lig je op 5 a 10 meter diepte voor een vissersdorp aan een strand met palmbomen.
We krijgen hier meer te maken met de locals. Ze bieden zich aan voor allerlei (bedachte) diensten (tegen betaling uiteraard); zoals een lijn aanpakken, vuilnis ophalen (met risico dat ze het daarna ongezien in zee dumpen), brood en fruit verkoop op allerlei drijvende piremachochels, taxi/ gids, winkel aanwijzen, sieraden kopen. Het enige wat je kan doen is, zo nodig, beleefd en duidelijk afwijzen. De contrasten zijn natuurlijk ook groot. Het dorp is in onze ogen ook erg sober en summier (supermarkt met slechts heel basale zaken, straten met een open afwateringssysteem).
Bij het vallen van de avond is het ophalen en afsluiten van de bijboot, buitenboordmotor en kajuitingang een vast ritueel. Ook de muggenhorren komen hier goed van pas, er zijn kleine stekende strandvliegjes (no-see-ums) welke je amper ziet.




De omgeving bij Soufriere is uitzonderlijk mooi. Het zicht op Petit Piton (750 m) en Grand Piton (799 m) is bijzonder. Deze 2 vulkanische conische bergen rijzen rechtop naast de Caribische zee. Ze zijn het beeldmerk (vlag) van St. Lucia en de naam van het lokale bier geworden. Ze zijn grotendeels begroeid met de rijke vegetatie van het tropisch regenwoud. Beneden in het landschap zijn de bananenplantages en Diamond falls (Sulphur Springs) en Botanical garden.

Voor Oud en Nieuw varen we i.v.m. de weersvoorspelling weer terug naar het noorden. Het wordt opkruisen tegen de NO wind in en bij aankomst hebben we een (kleine) lekkage bij de leesboeken van Tjebbe in de voorpunt. Helaas, dat wordt drogen van de geliefkoosde boeken.
We gaan voor anker onder de beschutting van Pigeon Island in Rodney Bay. Het weer is echter niet stabiel; er wordt veel regen voorspelt en er staat een aardige swell voor het strand van SLYC/ St. Lucia Yachtclub om dit met de dinghy aan te doen. We besluiten de Beach BBQ te laten voor wat het is en aan boord te blijven. Het vuurwerk aanschouwen we wel van hieruit. Nieuwjaarsdag maken we kennis met Fred van de “Buster” en onder het genot van enkele biertjes krijgen we tal van ankertips in de Carieb.

We moeten onze mind nog verder opmaken nu we ons doel (de Atlantische oversteek naar de Carieb) bereikt hebben en onze plannen verder concreet vorm gaan geven hier. Als eerste klaren we uit en halen het anker op bij St. Lucia en zeilen we naar het noorden naar Martinique.

Translate »