syMinor

November 2011


Curaçao

We liggen nu op het “Spaans Water” in Curaçao. Het is slechts 40 mijl westelijker vanuit Bonaire en we zijn er lekker naar toe gezeild met op het laatst de motor bij, mede om de watermaker te draaien.

We zijn daags erna de hele dag zoet met inklaren: Om 10.00 uur met de bus naar Willemstad (stadsdeel Punda) daar bij de douane inklaren, dan te voet over de pontjesbrug naar het andere stadsdeel Otra Banda en daar met een tijdelijke toegangspas op het terrein van de haven: naar immigration, daar ook weer allerlei papierwerk invullen en stempelen. Intussen is het 11.45 uur geweest en lunchtijd voor de havenautoriteit. Dus gaan we zelf ook maar gaan lunchen en na 13.30 uur kunnen we terugkomen. Om 13.50 uur zijn we 10 US$ armer (ankerfee) en vrij om op Curaçao te blijven voor 3 maanden. Onderweg terug nog even wat boodschappen doen en halverwege op de bus gestapt naar Caracasbaai en the Fishermen Harbour. We kwamen om 16.30 uur thuis. Het kost je een hele dag die “flauwekul”. We waren bekaf, want het is bloedheet. Hebben ons daarna afgespoeld, niet gezwommen, want het water is hier niet open, je ligt in een lagune, met veel bootjes en dus vervuild. Het is hier wel NL “gezellig”, lijkt wel een NL-se enclave. We genieten van happy hours met de Gypsy Blues, Bodyguard Alcatraz en de Panache .


Om 10.00 uur ’s ochtends kun je opstappen op de gratis shuttlebus naar Vreugdenhil, de lokale supermarkt met Spar en Jumboproducten en meteen de was weggebracht naar wasserij “’t Wastuintje”: Ook hier wordt de was met koud water gewassen. Ben hier achter gekomen in Bonaire door de “doe het zelf wasserette”. Kennelijk is dit in de hele Cariben zo? Ze hebben Amerikaanse wasmachines, welke geen verwarmingselement kennen zoals in Europa en er is geen toevoer van heet water hier.



We hebben afscheid genomen van onze oude buitenboord motor; hij is echt ter ziele. Het was een 2 pk Honda van 1999, in Bonaire liep hij vast en lekte (behoorlijk) olie. De schipper krijgt hem nog wel aan de praat, maar het beestje had power ingeleverd en bij het nakijken bleek er veel verroest staal, bouten die afbreken. We hebben nu, op Curaçao, geïnvesteerd in een nieuwe, een Mercury van 8 pk. We kunnen nu dus “hard scheuren” en met de fins eronder gemonteerd, komt hij zelfs gemakkelijk in plané. Nou ja het is wel fijn, dat hij sneller gaat, je hebt hem toch vaak nodig hier en een beetje meer power is geen luxe hier. We verkennen zo op ons gemak het Spaans Water en we ontwikkelen de gewoonte om in de namiddag bij de ingang, naast het luxe Hyatt over boord te springen, om af te koelen.

‘s Avonds is er happy hour bij “Norman” een tentje vergelijkbar als Lagoonies in St. Maarten, erg gezellig en we treffen hier Thijs en Wilma van de Luna Verde, oude bekenden van ons. We waren al op zoek naar hen en wilden een auto huren om hen op te gaan zoeken in de Marina. We dachten daar liggen ze vast nog wel. Dat klopt dus. Wilma is afgelopen woensdag ingevlogen. Het is erg gezellig om bij te kletsen en ze komen ons zaterdag om 16.00 uur ophalen met de auto. We gaan de Heineken Regatta bezoeken, rondwandelen, wat drinken en een hapje eten. Nou dat wat de Heineken Regatta betreft valt tegen; er zijn amper boten en je mag het terrein niet op als je geen crew bent. We gaan meerdere avonden gezellig op stap met Thijs en Wilma en bezoeken de lekkere en lokale eettentjes; het Sea Side Terrace, “12 voor 12” d.w.z. 12 gerechten voor 12 NAF (~ 5 euro) en op het gezellige Wilhelminaplein in Punda.

We genieten volop van Curaçao, maar zijn blij dat we Clemens en Mieke afgesproken hebben op Bonaire. dat is kleinschaliger en heeft voor ons een fijnere sfeer. Willemstad en omgeving is meer industrieel en vervuild. We hebben vanaf zondag veel regen. We vangen het regenwater op om te douchen, met een douchezak, buiten (oei.. we zijn de enige die ’s ochtends naakt rondlopen). De watermaker durven we niet te gebruiken op ’t Spaans Water. We kunnen bij de Waterboot water bestellen, deze komt 2x per week. We zwemmen ook niet hier. Iedereen lijkt hier te langer te blijven liggen, ondanks deze beperkingen en grote afstand tot Willemstad. De motivatie zit hem waarschijnlijk in het beschut en goedkoop liggen in de lagune en het wachten op onderdelen voor reparatie of reserve. Heel geleidelijk worden de banden aangehaald en wordt je meegezogen/ opgeslokt in het uitgebreide sociale netwerk. Elke ochtend een VHF-netje, 2x per week een Happy Hour bij Norman. Kortom veel (NL.) gezelligheid en soms ook een beetje vastgeroest volk. Er lopen hier ook wel een aantal “yachties” rond, zoals in St. Maarten, de eeuwige plakkers. Wij houden van een glaasje en een happy hour, maar zij zo te zien, nog meer. Ze ontdekken het eiland ook niet (meer).

We huren een auto voor 1 week.

We brengen de buiskap weg ter reparatie (die ene vergeten stiknaad in Trinidad). De SSB/ korte golf zender en ontvanger ligt bij Radio Holland om na te kijken wat het euvel is (is plotseling na Trinidad gestopt met tunen). Tjebbe zijn kies is bij de tandarts gerepareerd (alweer dezelfde, brak op weg naar Schiphol weer af) en we zijn opnieuw voorraad aan het inslaan voor de toekomst (oversteek Puerto Rico en verblijf Cuba). Grappig naast Spar en Jumboproducten heb je hier een echte AH supermarkt, met eenzelfde indeling en artikelen als in NL. Ook kopen we hier Sinterklaasartikelen zoals een “kerst”stol, (gevulde) speculaas, kleutertaai en Oudhollandse pepernoten, heerlijk! Ik zag de Happinez liggen en natuurlijk meegenomen 🙂 Daarnaast is er een nog grotere “Centrum” supermarkt met ook een ruim assortiment vers voedsel.

We hebben in Willemstad een “fotowandelroute” gemaakt door Otra Banda en Punda, langs de highlights van oude en (soms deels) opgeknapte gebouwen. Hier is ook een luxe shopping mall (Renaissance Maell & Rif fort) voor de grote cruisschepen met een hoop bling bling en dure zaken zoals Max Mara. In Punda heb ik letterlijk het zusterwinkeltje van Bonaire ontdekt (waar ik een kralenketting van Kazuri gekocht heb, gemaakt door vrouwen uit Kenya). De broer zit in Bonaire, zijn zus hier. Zij laat een aantal kledingstukken in hun eigen atelier erboven maken. Grappig; ik had hier in 2005 al een handtas gekocht. Heb nu een shirt en een erg aparte driehoeksjaal gekocht welke je op diverse manieren kunt knopen/ dragen vergelijk een “bolerootje”. Steenrood, past goed bij mijn ketting, en van heel dunne stof, erg mooi.


Het Afrika museum in Kura Hulanda is een bijzonder en indrukwekkend museum. We hebben er 3 uur in rondgebracht. Het vertelt en verbeeld het verhaal van de opkomst van de mensheid (= afstammeling van de apen en de eerste “zwarte” en niet zoals vaak beweerd wordt “witte” mensen aan de hand van schedels), Het ontstaan van de religies: Joden, Moslim en Christenen en de trek van de mensen vanuit de Eufraat en de Tigris naar Afrika (aan de hand van allerlei opgegraven voorwerpen) De opkomst en ondergang van de slavernij (de driehoekshandel tussen Europa – Afrika – Cariben/ V.S.) en de strijd voor rassenvrijheid in de V.S. Daarnaast exposeren ze nog vele andere culturele schatten en rijkdommen.

Den knukuku di bo Mente : Rosa rabia. Planta pas.

In de tuin van je geest: Woede wieden. Vrede zaaien.


No laga duele bieu sklavisábo di nobo


Laat oud zeer je niet opnieuw knechten


























































We rijden naar Westpunt via ons bekende duikplekken bij St. Willibrord/ Porto Marie, Playa Lagun, Groot en Klein Knip, Playa Kalki en lunchen Creools bij het bekende “Jaanchie’s”. We stoppen bij landhuis Jan Kok en Knip.



De landhuizen, voormalige plantagehuizen, hebben vaak leuke galeries. Alma Blou, Nena Sanchez (heb daar thuis al een kaart van ingelijst) en van Serena Israel. De laatste maakt in samenwerking met locals de zogenaamde Chichi dolls: dikke Curaçaose vrouwen met geprononceerde billen en borsten en kleurrijk aangekleed/ geschilderd.


Tussen de buien door wordt de bimini gemodificeerd tot multifunctioneel (regen)zeiltje á la tante Dien. Dit in navolging van mijn voormalige tante Dien, welke elk jaar wel weer sterk was in het uitbreiden van een stuk tent. Zo bouwen ook wij onze bimini om in een multifunctioneel doek. Het beschermd ons nu ook voor de regen in de kuip, als hij van voor of achter inkomt. Maar ere wie ere toekomt; de schipper is de man van het ontwerp en uitvoering. Hij heeft ook een beter 3D – inzicht 🙂

We toeren nog wat rond in het zuiden naar Jan Thielbaai en rond de Caracasbaai en hebben Curaçao eigenlijk wel weer gezien.
We gaan ons voorbereiden op de tocht naar het noorden. De duikspullen en naaimachine worden in de bakskist en onder het bed opgeborgen. Alle losslingerende spullen zijn weer opgeruimd en alles is, zoveel mogelijk, zeevast gezet. De Minor wordt voor anker geleidelijk aan meer een drijvende caravan met alle haar losse spullen 🙂
We maken ons rondje voor het uitklaren in omgekeerde volgorde. We halen de laatste vers boodschappen, koken wat eten “in voren”.
De grote genua (130%) wordt er na 1 jaar afgehaald en omgewisseld voor de high aspect (100 %). We verwachten de komende tijd onze heerlijke easy “downwindsailing” te moeten veranderen in aan-de-windse koersen. Hopelijk zijn de weergoden ons gunstig gezind en krijgen we niet al teveel bakken zout water over ons heen, want de Minor kan hoog aan de wind maar het is dan wel erg “nat zeilen”.

We willen een gunstig weather window oppakken. De kunst is om voor de beruchte (sterke noordoostelijke) Christmaswinden (meestal medio dec.) een gaatje te pikken met zuidoostelijke wind, welke ons voldoende hoogte zal geven om de Spaanse Maagdeneilanden en/ of Puerto Rico aan te lopen. Om hiervoor een betere uitgangspositie te hebben varen we eerst terug naar het oosten; Bonaire en evt. verder door naar Las Aves of Los Roques. Zoveel mogelijk oost om hoogte te winnen voor de slag NW.

We weten niet hoe lang we over de (hemelsbrede) 400 mijl gaan doen, en zullen, zo mogelijk, op de website bij “SSB berichten” onze vorderingen plaatsen.


Jaanchie’s, Gele Troepiaal

Translate »